Skip to content

VIVEL blikt terug op 6,5 jaar mantelzorgbeleid

“Coördinatie werkt, maar heeft een mandaat nodig”

Op 30 juni 2026 kwam er een einde aan de werking van het Vlaams Expertisepunt Mantelzorg (VEM) bij VIVEL. Besparingen zetten er een punt achter. Sinds 1 juli 2026 is het VEM overgedragen aan de zes erkende mantelzorgverenigingen — Coponcho, Mantelzorgnetwerk, Onbegrensd, Okra Zorgrecht, Samana en Steunpunt Mantelzorg. Het VEM blijft dus bestaan en zet zijn opdracht daar verder; ook de kanalen (nieuwsbrief, website, sociale media) werden mee overgedragen.

Het kabinet van minister Gennez en het Departement Zorg vroegen VIVEL om bij deze overdracht de voorbije 6,5 jaar in kaart te brengen: wat werkte, wat niet, en wat heeft een volgende fase van het mantelzorgbeleid nodig. Karel Hermans, verantwoordelijk voor mantelzorg binnen VIVEL, maakte die procesevaluatie op met team VIVEL en blikt in een gesprek terug op de belangrijkste kantelpunten.

Karel, laten we beginnen bij het begin. Waarom was de start van VEM bij VIVEL niet evident?

“De inbedding van het VEM in VIVEL was een politieke beslissing, opgenomen in het eerste mantelzorgplan. Alleen: toen het VEM in 2017 moest opstarten, bestond VIVEL nog niet. De mantelzorgverenigingen hebben het VEM dus eerst zelf uitgebouwd, samen met SAM vzw. Toen VIVEL begin 2020 het VEM overnam, was VIVEL zelf nog maar pas operationeel en is er geen tijd geweest voor een gezamenlijke verkenning vooraf — geen gedeelde behoefte die vastgesteld was, geen ruimte om af te spreken wat we samen wilden bereiken. Dat is geen ideale basis voor een samenwerking, en dat heeft nog jarenlang meegespeeld.”

Wat heeft die moeilijke start concreet gekost?

“Vooral snelheid. Er werd een samenwerkingsovereenkomst opgesteld tussen het VEM en het Vlaams Mantelzorgplatform (VMP), de koepel van de zes erkende verenigingen. Daarin stond dat het VMP medebeheerder was van het VEM. Daardoor moest het VEM bij aanvang bij zowat elke actie afstemmen. Al doende hebben we moeten leren wat wel en niet autonoom door het VEM kon beslist worden, over welke zaken afstemming en gezamenlijke beslissingen nodig waren. Als er snel moest geschakeld worden, bijvoorbeeld op een vraag vanuit de media, gingen daar kansen door verloren.”

Toch was er ook duidelijk succes. Wat sprong er het meest uit?

“Twee dingen: de campagne #dahadikeffenodig en de website mantelzorgers.be. De campagne, gestart in 2024, sloeg aan doordat ze eenvoudig en herkenbaar is — geen ingewikkelde oproep, maar kleine dingen: een babbel slaan, een boodschap meebrengen. Ze werd overgenomen door heel wat eerstelijnszones, lokale besturen, ziekenhuizen.

Daarnaast werd Mantelzorgers.be in 2022-2023 grondig hertekend op basis van gebruikersonderzoek en gelanceerd in het voorjaar van 2024. Sindsdien is het bezoekersaantal 40% gestegen omdat de site nu veel gebruiksgerichter is”

Wat waren dan de grootste knelpunten?

“Veel van de besproken aandachtspunten hielden verband met de verdere verduidelijking van rollen, mandaten en beslissingsbevoegdheden. Het document ‘rollen en mandaten’, goedgekeurd door VEM en de verenigingen, vormde hierin een belangrijke stap vooruit. Er bleven echter nog vragen bestaan over de afstemming tussen VEM en het VMP, evenals over de rol van externe stakeholders binnen het mantelzorglandschap. Ook op vlak van communicatie was voortdurende afstemming nodig rond verantwoordelijkheden, besluitvorming en zichtbaarheid. Het vinden van een evenwicht tussen de verschillende verwachtingen en belangen vroeg daarbij blijvende aandacht.”

Wat is dan de rol die het VEM volgens u het beste kon opnemen?

“Procesbewaker. Zorgen dat afspraken helder zijn, dat rollen nageleefd worden, dat informatie gestructureerd circuleert. Het VEM moet niet de plaats innemen van de mantelzorgverenigingen — die blijven de directe schakel naar mantelzorgers — maar wel voldoende autonomie krijgen om die coördinerende rol snel en geloofwaardig te kunnen spelen. Zonder dat heb je wel goodwill, maar geen slagkracht.”

Als u één les meegeeft aan wie het mantelzorgbeleid straks verderzet, welke is dat?

“Dat duurzame samenwerking niet ontstaat door engagement alleen, maar door vooraf vast te leggen wie beslist, wie betrokken wordt en hoe je omgaat met meningsverschillen. Elk nieuw project zonder dat kader, herhaalt dezelfde spanningen. Dat is geen pleidooi tegen coördinatie — integendeel, de resultaten tonen dat coördinatie werkt — maar voor coördinatie mét een duidelijk mandaat.”

INZET – 8 kernaanbevelingen uit de procesevaluatie

  1. Leg rollen, mandaten en beslissingsrechten vast in één compact governancekader, vóór een samenwerking start.
  2. Geef het VEM (of zijn opvolger) een duidelijk mandaat en voldoende autonomie — als procescoördinator, niet als vervanger van de verenigingen.
  3. Voorzie structurele financiering naast projectmiddelen. Voorgesteld: 1 euro per mantelzorger per jaar.
  4. Bouw mantelzorgers.be verder uit als centrale, betrouwbare toegangspoort tot informatie.
  5. Blijf investeren in #dahadikeffenodig als gedeeld Vlaams merkverhaal — sensibilisering vraagt jaren, geen maanden.
  6. Behoud het structureel overleg met beleid, over de grenzen van het Departement Zorg heen.
  7. Verbreed de vertegenwoordiging van mantelzorgers in beleidsvorming, ook buiten de zes erkende verenigingen.
  8. Werk met engagementsverklaringen voor stakeholders, zodat verwachtingen van bij de start duidelijk zijn.

En nu?

Sinds 1 juli 2026 zet het VEM zijn werking verder bij de zes erkende mantelzorgverenigingen, met behoud van de bestaande kanalen. De aanbevelingen uit de procesevaluatie richten zich dan ook niet langer tot VIVEL, maar tot die verenigingen, het VEM zelf en de overheid die het beleid verder vormgeeft. VIVEL blijft mantelzorg een belangrijke plaats geven binnen haar eigen visie en missie, ook zonder de coördinerende rol die ze de voorbije 6,5 jaar opnam. Dit doet ze door het perspectief van de mantelzorger voor ogen te houden bij het opmaken van beleids- en actieplannen, door aandacht voor de mantelzorgers binnen de ondersteuning die VIVEL biedt bij de uitbouw van geïntegreerde zorg en ondersteuning en door het perspectief van de mantelzorger te betrekken in de uitvoering van de dagelijkse werking.

Zo ondersteunt ze ook volop de campagne die nu loopt, met name de Week van de Jonge Mantelzorger: “Ik zie, ik zie, wat jij niet ziet”. Deze loopt van 26 tot 30 oktober en zet jonge mantelzorgers extra in de kijker, met campagnemateriaal, verhalen, acties en activiteiten. Want 1 op de 5 kinderen en jongeren groeit op met zorg voor iemand: ze helpen thuis, maken zich zorgen, of krijgen zelf weinig aandacht — en dat blijft vaak onzichtbaar!

Contact

Vous avez des questions sur un sujet particulier ? Remplissez le formulaire ci-dessous et contactez-nous. 

Nous respectons votre vie privée. Vos données seront toujours traitées de manière confidentielle.

Articles connexes